Dictionary for English, Malay, chines, Indonesian, Japanese, etc
Translation
Chinese dé, huò qǔ, lǐng qǔ, shòu dào, 受到, 得, 獲取, 領取, 受到, 得, 获取, 领取
Dutch aankomen, aanschaffen, aanvatten, afstammen, arriveren, behalen, belanden, bereiken, betrekken, buit maken, deelachtig worden, doen, gaan halen, genieten, halen, het gevolg zijn van, inhalen, komen, krijgen, laten, laten doen, laten komen, maken, nemen, ontbieden, ontspruiten, ontvangen, oprapen, pakken, raken, reiken tot, terechtkomen, testament, toucheren, treffen, uiterste wil, uitreiken, vatten, verbond, verkrijgen, verschaffen, verstrekken, verwerven, voortkomen, wil, wilsbeschikking, worden, zich voorzien van, aanbelanden
Germanbekommen, kommen, werden, ankommen
Greek αποκτώ
Indonesian membawa, menjadi
Japanese choudai, ちょうだい, 頂戴
Korean 걸리다
Latin adepto, pario, quaero, quero, tractum, traho, traxi, acquiro
Malay kena, mahami, me-, membeli, membujuk, memenangkan, meminta, memperoleh, menagih, mendatangkan, menderita, menerima, mengalami, mengeluarkan, mengumpulkan, menyebabkan, menyediakan, menyuruh, mjd, mndpt, pergi, sampai, ~ something up:memungut, ~ something up:mengatur
Norwegian
Polishrobić się
Serbian imati, pribavi, primiti, shvatiti, dobiti
Spanish saca, obtener
Swahili pata
Swedish fick